Veelal beginnen EPC-aanbestedingen en contractonderhandelingen als volgt: de opdrachtgever stelt de aannemer de gegevens ter beschikking die hij in zijn bezit heeft met betrekking tot het project vergezeld van een specifieke vermelding dat ”de opdrachtgever geen enkele garantie geeft met betrekking tot de volledigheid, nauwkeurigheid of geschiktheid van die informatie voor een specifiek doel”. Hij doet dit om claims van de aannemer tijdens de uitvoering van het project te voorkomen in het geval dat de verstrekte informatie onjuist of onvolledig is. Soms is de situatie nog erger en probeert de opdrachtgever eenvoudigweg geen informatie te geven.

In de praktijk is het achterhouden van informatie contraproductief omdat dit de aannemer van het EPC-contract niet in staat stelt een nauwkeurige offerte te maken. Aannemers kunnen terugschrikken van deelname aan een aanbesteding, een te hoge prijs indienen of de kosten van het project onderschatten. In het laatste geval creëert de aannemer vaak problemen tijdens de uitvoeringsfase om zijn verliezen te beperken.

FIDIC 1999 Silver Book (clausule 5.1) verplicht de aannemer de gegevens die hij van de opdrachtgever verkregen heeft te controleren voordat de offerte wordt ingediend. De opdrachtgever is niet verantwoordelijk voor fouten, onnauwkeurigheden of gebreken van welke aard ook in de gegevens verkregen van de opdrachtgever, behalve voor gegevens en informatie die expliciet als onveranderlijk zijn verklaard of de verantwoordelijkheid van de werkgever blijven en ook voor gegevens en informatie die in geen geval door de aannemer kunnen worden gecontroleerd. Het identificiëren van gegevens waarop de aannemer kan vertrouwen (basisgegevens) zijn daarom goede handelspraktijken en in overeenstemming met standaardcontracten.

De moeilijkheiden beginnen echter bij het bepalen van deze ‘basisgegevens’, ‘reliance data’ of welk ander woord ook in het contract gekozen wordt om dit concept te introduceren. De gegevens worden meestal “geparkeerd” in een bijlage waar een beperkte lijst gegevens waarvoor de opdrachtgever verantwoordelijk blijft wordt opgesteld.

Tijdens lange contractonderhandelingen dacht ik na hoe we op een gestructureerde manier zulke basisgegevens kunnen identificeren. Ik bedacht een “black box”-concept:

  • Bekijk het uit te voeren project als een “zwarte doos”.
  • Wat in de doos zit, zijn de werken die moeten uitgevoerd worden. Deze worden gedefinieerd door een functionele, niet-gedetailleerde / niet-prescriptieve specificatie. Bepaalde resultaten moeten meestal worden behaald tegen het moment van de overdracht. Basisgegevens zouden geen informatie mogen bevatten uit de “zwarte doos”.
  • Maar deze “zwarte doos” is ook op de een of de andere manier verbonden met en interactie met de omgeving. Ze is natuurlijk fysiek vastgehecht aan / verbonden met de omgeving. Ze ontvangt normaal ook een instroom. De “zwarte doos” kan beïnvloed of dooreenggeschud worden door die omgeving. De kwaliteit, omvang en kenmerken van deze “fundamenten”, “instromen” en “invloeden” zijn gegevens die als basisgegevens kunnen beschouwd worden.

Laten we dit op een concreet voorbeeld toepassen om dat “zwarte doos” concept begrijpelijker te maken. Ons voorbeeld is de bouw van een waterkrachtcentrale waar we de volgende basisgevens kunnen hebben:

  • Geo-technische basisgegevens: referentiekarakteristieken van ondergrondse situatie zoals rotsklassen (“fundamenten”)
  • Waterkwaliteit: chemische samenstelling van het water waarvoor de turbine moeten worden ontworpen; maximale watertemperatuur die in aanmerking moet worden genomen voor het ontwerp van het koelingssysteem; hydrologische gegevens (“instromen”)
  • Netverbindingsinformatie: gegevens met betrekking tot de transmissielijn en netkenmerken (spanning, frequentie). Het electrisch netwerk moet vaak nog worden uitgebreid onder een ander contract (“verbindingen”)
  • Maximale windsnelheid of grondversnellingscoëfficiënt: ontwerpvereisten waaraan de “zwarte doos” moet kunnen weerstaan (“invloeden”).

Om te besluiten kunnen we zeggen dat een aantal basisgegevens waarvoor de opdrachtgever verantwoordelijk blijft gezond zijn voor een evenwichtig EPC-contract. Zowel opdrachtgever als aannemer zullen dit “zwarte doos” concept op een redelijke manier moeten toepassen. Gezamenlijk kunnen zij proberen de informatie te beperken tot informatie die essentieel is voor het ontwerp en niet redelijkerwijs door de aannemer tijdens de aanbestedingsfase kan worden bepaald of gecontroleerd. Dit omvat informatie die het resultaat is van lange-termijnreeksen van gegevens of informatie die onbeschikbaar is of die niet met redelijke inspanningen kan verkregen worden door een aannemer die nog niet zeker is het contract binnen te halen. Op deze manier zal de opdrachtgever de beste aannemers aantrekken met geoptimaliseerde prijsniveaus en ook conflicten vermijden tijdens de uitvoering van het project.


Jan Bouckaert

Jan Bouckaert is een FIDIC deskundige (Certified Adjudicator/President's list) met 25 jaar wereldwijde ervaring in het onderhandelen en uitvoeren van complexe bouw-, hernieuwbare energie-, energie- en infrastructuurprojecten. Hij is ook gespecialiseerd in contractbeheer, project controls en alternatieve geschillenbeslechting. Tijdens zijn loopbaan woonde Jan in Frankrijk, België, Egypte, India en Portugal en werkte hij voor GE Renewable Energy, Alstom Hydro, Besix/Six Construct. Hij is Burgerlijk Ingenieur Bouwkunde (Ir) aan de Universiteit van Leuven (KUL, België) en heeft een MBA van ISEG (Portugal). Hij spreekt vloeiend Engels, Frans, Portugees en Nederlands. Jan is de oprichter van AfiTaC, een bedrijf dat advies geeft over internationale aanbestedingen en contracten, en algemeen beheerder van Proove SAS. Maak gerust verbinding via LinkedIn: https://www.linkedin.com/in/afitac/

2 reacties

Rehabilitatie en EPC-filosofie, zijn ze compatibel? - AfiTaC.com · 25 februari 2019 op 19 h 16 min

[…] Bij rehabilitatieprojecten moet altijd rekening worden gehouden met de bestaande configuratie/situatie. Tijdens de aanbestedingsfase informeert de Opdrachtgever de Bieders in de regel over de bestaande situatie. Dit doet hij door het aanleveren van de as-built tekeningen en een conditierapport. Elke Bieder kan die informatie in de praktijk niet zelf verzamelen. Dit veronderstelt het stoppen van de installatie, het demonteren van bepaalde onderdelen en gaat zelfs verder dan een visuele inspectie. De Opdrachtgever moet bijgevolg de verantwoordelijkheid nemen voor de grote hoeveelheid informatie die hij heeft verstrekt. We bevinden ons niet in een situatie van een beperkte hoeveelheid “basisgegevens”. […]

"EPC of toch geen EPC, dat is de kwestie" - AfiTaC · 21 januari 2022 op 21 h 25 min

[…] De opdrachtnemer verzamelt zelf de nodige informatie voor de uitvoering van de werken. Alle informatie die door de opdrachtgever wordt verstrekt, is “uitsluitend ter informatie”, met uitzondering van een zeer beperkte hoeveelheid basisgegevens. […]

Geef een antwoord

Avatar plaatshouder

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.